WIELSBEKE — Een gloednieuwe Ronde van België slingert zich vanaf
vandaag tot en met zondag door ons landje. Aan de start een klad
buitenlanders van hoog niveau en sterke Belgen waaronder Niko Eeckhout. De
Lotto-renner hervat straks in Oostende, na een verplichte break van zes
weken, de competitie. Eeckhout maakt zich niet de minste illusie. «Ik
reken nergens op.»
Niko
Eeckhout ziet weer licht aan het eind van de tunnel. Aan een val in de
Ronde van Vlaanderen hield de 31-jarige Wielsbekenaar een handbreuk en dik
zes weken inactiviteit over. Een tuimeling met gevolgen trouwens. Want
zijn voorseizoen en een pak UCI-punten gingen verloren.
«Eigenlijk hoef ik niet te zeggen dat het absoluut niet leuk was»,
begrijpt Eeckhout. «Ik had er zoveel van verwacht, van de grote koersen.
Het zat vanaf februari al niet mee. Het liep lekker, ik voelde goeie
benen, jawel. Alleen vertaalde dat goed rijden zich niet onmiddellijk in
de uitslagen.»
In de Driedaagse van De Panne kon Eeckhout een flinke brok van de druk
lossen. Hij werd derde in de afsluitende tijdrit en vierde in het
eindklassement. De Lotto-renner kon mentaal sterk naar de Ronde.
«In Wannegem, na amper een goeie 120 kilometer schoof ik onderuiten het
was gebeurd. Er stond een dikke streep door mijn voorseizoen. Eigenlijk
ongelooflijk, dat de gevolgen zo zwaar waren. Ik stond praktisch stil toen
ik tegen de kasseien ging. Je ziet wel, het ligt soms op een klein
plekje.»
Aanvankelijk zag het er voor Eeckhout allemaal niet zo dramatisch uit.
«Een verstuikte pols», luidde de diagnose. Eeckhout probeerde de pijn te
verbijten. In Gent-Wevelgem was het start schot amper gegeven of Rambo
pijlde tegen een gemiddelde van 46km per uur van door. Na 89km of goed
twee uur koers moest hij vanwege de pijn inbinden.
«Omdat er geen verbetering merkbaar was, trok ik een tweede keer naar het
hospitaal voor foto’s en opnieuw luidde de conclusie dat de pols zwaar
verstuikt was. Na tweeweken werden er een derde keer platen genomen maar
eerst werd een kleurstof ingespoten. Toen werd duidelijk dat mijn
persoonlijke in druk dat er meer aan de hand was, de juiste was en dat de
boel gebroken was. Wat ik sinds dien gedaan heb? Eigenlijk alleen maar wat
losrijden. Door een gipsverband was meer niet mogelijk. Sedert vrijdag is
het gips door een op maat gemaakte brace vervangen. Koersen kan, maar de
pijn is nog lang niet verdwenen. Hoe zwaar mijn tegenvallend voorseizoen
nu weegt? Heel zwaar, maar dat is koers. In het leven moet je vooruit
kijken. Zorg ik straks voor de verrassing in het WK of win ik Parijs-Tours
dan is alles vergeten. Ondertussen probeer ik opnieuw van de competitie te
proeven. Na de Ronde wachten Luxemburg en Catalonië.»
Dirk MEULDERS