83ste
Kampioenschap van VlaanderenDoor Luc LAMON, Koolskamp
Hij straalde, Niko Eeckhout. Door god en klein Pierke verlaten, kroop
hij gisteren in de 83ste editie van het Kampioenschap van Vlaanderen uit
de lappenmand waarin hij bijna het hele seizoen lag. In een spurt met
zeventien jumpte hij zelfverzekerd een eind voor bommen als Tom Steels en
Etienne De Wilde onder het spandoek door. Hans De Clercq, werkend voor
drie en tweede, sloeg van ontgoocheling bijna zijn stuur in brokken.
De
hemel trok nog eens zijn gordijnen open om de zon door zijn ramen te laten
glijden. Koolskamp kreeg terrasjesweer en dat kon de wielerliefhebber wel
pruimen. De jongste jaren was maar zelden zoveel volk te zien in het
hartje van West-Vlaanderen. Met Duizenden hingen ze over de nadars om Nico
Eeckhout zijn eerste bloemen van het seizoen en wellicht de belangrijkste
uit zijn carrière te zien mee grabbelen. Iedereen zag Steels al in de
leeuwentrui. Schitterend gegangmaakt door Bart Leysen kon de nationale
kampioen de klus niet afmaken. Eeckhout verbaasde de halve wereld, maar
niet zich zelf.
,,Ik ben al een poos goed bezig, maar het verschil tussen winst en
verlies is zo onooglijk. In Izegem voelde ik superbenen en werd ik
zeventiende. Begrijp je? Dit is heerlijk, maar meer dan van de overwinning
geniet ik van het feit dat ik er weer sta. Ik wou mezelf tonen dat ik nog
niet afgeschreven ben en dat bewijs is nu geleverd."
Stellen dat de Wielsbekenaar het hele seizoen op de dool was, is een
eufemisme. Hij ligt al maanden in de lappenmand.
"Problemen met de achillespees. Eigenlijk was m’n eerste echte wedstrijd
het nationale kampioenschap. Lotto liet al snel horen dat het mij volgend
jaar niet meer moet. Ik kwam de patat te boven en bleef hard doorwerken.
Zoals je ziet met succes. Misschien gaan de ogen van wie mij al had
afgeschreven nu open. Volgend jaar ben ik er in elk geval weer bij. Nee,
ik verklap niet in welk shirt. Ik praat nog met twee ploegen en weeg een
en ander tegen elkaar af."
"Verbaasd dat ik Tom Steels een neus zette? Ik niet. Ik had Hans De Clercq
twee ronden voor het einde nog gezegd dat ik de sprint zou winnen en
niemand anders. Massaspurten zijn aan mij niet besteed, maar in een
groepje als dit vrees ik niemand."
In de kopgroep van zeventien school ook Johan Verstrepen, die de fles
misschien onbewust ontstopte. Verstrepen maakte samen met Ben Berden van
het startgewoel gebruik om in het zog van de wedstrijdwagens een
boogscheut voorsprong te nemen. Negen gingen er achteraan en zorgden met
hun gesleur voor een scheur in het peloton. Geen kleefstof was sterk
genoeg om het gat te dichten. Iets voor halfweg stapte de grote groep nog
net niet af aan een terrasje voor de middagkoffie. Dat deed hij enkele
ronden later bijna voltallig in het spoor van Johan Musseeuw. Pogingen van
Vanderaerden, Omloop, Verstrepen en Delmé om nog te ontsnappen aan de
benen van de spurters droegen niet ver genoeg. Koolskamp is en blijft een
vluchtkoers.