Kattekoers 1992


Het Kattekoers-bewijs van Niko Eeckhout

,,De leertijd is voorbij"

 

Vorig jaar bekroonde Niko Eeckhout een anoniem seizoen met vier kleine kermiszeges. Hij startte wel in de grote wedstrijden maar hij trad zeiden op het voorplan, een veertiende plaats in Seraing even buiten beschouwing gelaten. Dit jaar straalde de Ooigemnaar van ambitie: hij moest en zou zich onderscheiden. Zijn overtuigende winst in de Kattekoers is daarom méér dan een bevestiging van zijn zevende plaats in een bizarre Brussel-Opwijk.

In de openingsklassieker won ik de spurt achter die zes vroege vluchters. Nu durfde ik niet blijven zitten. Liever alleen aankomen, schoot het door mijn hoofd, want in een spurt met vier wint niet altijd de snelste. Zeker niet na zo’n afmattende wedstrijd. Je kunt dus beter alleen aankomen", klonk het laconiek en vol zelfvertrouwen.

Toch niet zo evident als je eerst in je eentje naar drie superieure leiders toe fietst?: "Ik reed wel goed hoor, vandaag. Dat voelde ik ook toen ik wegsprong: zij bleven even zitten en ik kon makkelijk een gat slaan. Het goede moment noemt men zoiets. Maar als je op vier kilometer van de streep uit de greep van de koplopers raakt, heb je altijd het goede moment gekozen. Het zal dus ook wel iets met conditie te maken hebben."

Na twee voorzichtige jaren heeft Niko Eeckhout hard aan die voorjaarsvorm gewerkt: in mijn eerste jaar reed ik twintig koersen. Vorig seizoen was ik in alle klassiekers van de partij, zonder uitgesproken winstambities gewoon om te leren.

Dit keer moet het eindelijk lukken. De leertijd is definitief voorbij", sprak de Atlas-renner onder een uitklarende hemel.

Gelukkig dat de bloemen voor de Kattekoers al binnen waren:

Dit was mijn weer. Glad, regenachtig en met zware beklimmingen, zo lust ik ze het liefst. In Ichtegem miste ik de trein, nu heb ik zelf de koers kunnen maken. In mijn weer, op mijn favoriete parcours en in de hoop dat het geen eenmalige prestatie blijft."

Eenzaat klopt Kattekoers-vluchtgezellen

De revanche van Niko Eeckhout

Toen Niko Eeckhout aan de aankomstlijn beweerde dat hij ,,vandaag behoorlijk reed", moet hij het understatement van de eeuw gemaakt hebben. De Ooigemnaar kwam twee keer als eerste op de Kemmel boven, hij klom het snelst op Monteberg en Mesenherg en reed in volle finale nog in zijn eentje naar het kopgroepje van drie. Wim Feys, Hans De Clercq en Stefan Sels vorm den daarin een geolied rader werk. Woekerend met zijn krachten fietste de Ooigemnaar dat trio doodleuk uit het wiel.

De pogingen van De Clercq en Feys waren net gestrand toen Eeckhout op een vijftal kilometer van de aankomstlijn de beslissende demarrage plaatste. Stefan Sels aarzelde; De Clercq en Feys loerden naar elkaar en Eeckhout het vrijgeleide gretig aan. Verdiend, want hij was de grote uitblinker van een ware uitputtingsslag die even voor de heuvelzone begonnen was. De elf leiders hadden toen net het gezelschap van Michel Vanhaecke gekregen, waardoor er met Gino Bos, Tom Declercq en Hans De Clercq en Vanhaecke zelf vier Izenbergers in de vuurlinie streden. De concurrentie heette Wim Feys, Stefan Sels, Gunther Nauwelaerts, Peter Saey, Niko Eeckhout, Jan Poppe, Marc Vrindts en Dirk Philips. Op de Monteberg begon de echte afvallingsrace en in het druilerige herfstweertje losten de minst sterke renners één na één de rol. Michel Vanhaecke en Niko Eeckhout schudden op de heuvels aan de boom, maar na de eerste Kemmelbeklimming vloeide op kilometer 120 alles weer samen. Uit de achtergrond reden Marc Patry en Axel Merckx met Paul Van Hyfte naar de leiders toe, maar de militair raakte door een bandbreuk weer achterop. Zelfs om bij de opzettende Danny Daelman aan te stuiten, kwam hij te laat.

In de kopgroep barstte de strijd ondertussen helemaal los De Monteberg hielp Michel Van haecke, Danny Daelman, Niko Eeckhout en Stefan Sets aan een goede uitgangspositie voor de tweede Kemmeldoortocht, maar scherprechter Kemmel gooide de situatie weer hele maal overhoop. Een elitegroepje van zes man bereikte het eerst de top, maar in het dorp kwamen negen favorieten samen door. Op tien kilometer van de finish ging Hans De Clercq met Wim Feys en Stefan Sels aan de haat. Na een in drukwekkende solo kwam Niko Eeckhout bij de leiders aanstuiten, blies even uit en gaf zijn medevluchters het nakijken. De eenzaat bij de koplopers zette daarmee het initiële Izenbergse overwicht definitief opzij, tot grote vreugde van ploegleider Walter Coucke. De twee best vertegenwoordigde teams vochten voor de ere plaatsen: de eerste Izenberger werd derde, Meulebeke behaalde met Wim Feys en gelegenheids-Molenspurter Danny Daelman de vierde en vijfde plaats binnen. Maar zij konden na de uitputtingsslag niet tippen aan de 21-jarige Niko Eeckhout. De sterkste had het gehaald, daar had de uitblinker zélf voor gezorgd. F.D.

De uitslag

150 deelnemers

1. Niko EECKHOUT (Ooigem) de 173,6 kin in 4u;

2. Stefan Sels op 15"; 3. Hans De Clercq; 4. Wint Feys op 20"; 5. Danny Daelman op 39"; 6. Michel Vanhaecke; 7. Marc Patry; 8 Jan Poppe; 9. Peter Saey; 10. Marcel Gerritsen (NL) op l’29"; I Reginald Vandamme; 12. Jurgen Oppeel; 13. Dirk Huys; 14.

Gerry Van Lierop; 15. Pascal De Smul; 16. Karl Pauwels; 17. Christ Lefever; 18. Gino Bos; 19. Bart Van de Water; 20. Danny Sleeckx; 21. Aivars Skutelis (Let); 22. Serge Deneckere; 23. Casper Van der Meer (NL); 24. Guntis Kalnins (Let); 25. Tom De Clercq; 26. Paul Van Hyfte; 27. Michel Nottebart; 28. Kurt Van de Wouwer; 29. Marc Vrindts; 30. Giovanni Cornette.

Met dank aan Joost Cuyle

 

Uitslagen

volgend artikel

Philippe Vanhoecke 11/02/2004
HOME